Carnaval

Werkstukken en spreekbeurten

Heb jij wel eens carnaval gevierd? Dan weet je vast dat je tijdens dit feest heel gek mag doen. Maar waarom eigenlijk?

Op 11 november begint het carnavalsseizoen. Er wordt dan een prins carnaval gekozen en een helper. De helper noem je adjudant. Verder heeft de prins een eigen Raad van Elf. Deze mannen helpen hem tijdens het carnavalsseizoen. 

Ontstaan

De katholieke kerk had vroeger voor Pasen een vastenperiode van veertig dagen. Tijdens deze dagen mocht je niet snoepen of vlees eten. De katholieke kerk vond het wel een goed idee om daarvoor nog eens goed te feesten. Dit werd het carnavalsfeest van drie dagen met vermommingen en optochten. De laatste dag van carnaval is dus altijd precies veertig dagen voor Pasen. Het woord carnaval komt van de Latijnse woorden carne levare ofwel het wegnemen van het vlees. Na carnaval begint het vasten.

Feest vieren

Vasten wordt nauwelijks meer gedaan, maar carnaval wordt nog steeds goed gevierd. Vooral in Noord-Brabant en Limburg. Dit komt omdat hier de meeste katholieken wonen. Volwassenen en kinderen verkleden en schminken zich. Veel carnavalsverenigingen hebben eigen optochten, kinderoptochten en gala-avonden. Tijdens deze avonden treden plaatselijke artiesten op. Dorpen en steden hebben tijdens het carnaval andere namen. Zo heet Den Bosch dan bijvoorbeeld Oeteldonk en wordt Tilburg Kruikenstad genoemd.

Aruba

Op het eiland Aruba wordt carnaval heel groots gevierd. Dit komt waarschijnlijk omdat 90% van de mensen katholiek is. Het carnaval is aan het begin van jaar en duurt bijna twee maanden. Al die tijd zijn er optochten en feesten. De Arubanen zijn een jaar lang bezig met het maken van carnavalswagens en kostuums. Carnaval begint bij hun met een fakkelparade. Deze moet de geest van carnaval opwekken.